zaterdag 7 april 2018

Eels - The Deconstruction

In de zomer van 1996 was er opeens Beautiful Freak van Eels. Het debuut van de band rond de Amerikaanse muzikant Mark Oliver Everett, inmiddels vooral bekend als E, sloeg in als de spreekwoordelijke bom en verpakte een bijzonder eigen geluid in werkelijk gitzwarte songs. 

Het is voor mij het geluid van de zomer van 1996 en zeker ook van de herfst en winter die volgden en ik denk niet dat 1996 uiteindelijk een betere plaat heeft opgeleverd dan de eerste van Eels.

De sensatie van het zo bijzondere debuut heeft Eels wat mij betreft nooit meer kunnen evenaren laat staan overtreffen, maar de band uit Los Angeles, met E als enige constante, heeft inmiddels wel een flinke stapel prima platen op haar naam staan. 

Hier zitten een aantal platen tussen die alles bij elkaar genomen misschien nog wel beter en indrukwekkender zijn dan Beautiful Freak, waaronder zeker Electro-Shock Blues uit 1998 en Hombre Lomo uit 2009, maar als ik er één mag meenemen naar een onbewoond eiland, kies ik absoluut voor het debuut van Eels, dat ik inmiddels noot voor noot ken. 

Waar het geluid op Beautiful Freak in 1996 totaal anders klonk dan alles wat ik gewend was, klinkt de nieuwe plaat van Eels echt vrijwel onmiddellijk vertrouwd. The Deconstruction bevat een aantal ingrediënten die ook op het debuut van de band een cruciale rol speelden, waaronder natuurlijk de zo herkenbare stem van E, de subtiele en opvallende instrumentatie en de zeker ook de zo karakteristieke donkere sfeer. 

The Deconstruction is, net als vrijwel al zijn voorgangers, zeker geen vrolijke plaat, maar voor Eels begrippen klinkt het in muzikaal opzicht allemaal verrassend zonnig en hier en daar zelfs lichtvoetig. 

Op The Deconstruction wordt de uit duizenden herkenbare stem van Mark Oliver Everett vooral omgeven door heerlijk zweverig of juist pastoraal klinkende synths, maar net als op vrijwel alle andere platen van de band, spelen ook de direct aan Eels te relateren gitaarlijnen een belangrijke rol en duiken verder hier en daar de van de band bekende stuwende ritmes op. Opvallend is de grote rol voor strijkers, wat de stemmige uitwerking van de songs op de plaat nog wat verder vergroot.

Ook The Deconstruction is natuurlijk niet zo goed of memorabel als het inmiddels tot een klassieker uitgegroeide debuut van Eels uit 1996, maar vooralsnog vind ik het zeker een van de aangenamere platen van de band. 

E kleurde zijn muziek de afgelopen decennia soms wel erg donker en deprimerend in en daar moet je tegen kunnen. Van mij mag het wel wat opgewekter en dat is precies hoe Eels klinkt op The Deconstruction. Eels ging op een aantal van de vroegere platen flink los, maar The Deconstruction is een vooral ingetogen en stemmige plaat, al zitten er ook wel wat uptempo songs tussen de maar liefst 15 songs waarmee E op de proppen komt. 

Het zijn songs die met zevenmijlslaarzen door het inmiddels rijke oeuvre van de band springen en die flink blijven steken bij de plaat uit 1996 die velen zo dierbaar is. Opvallende plaat van een bijzonder mens en muzikant. Ook The Deconstruction is mij inmiddels dierbaar. Erwin Zijleman